|
west canada 2004 |
![]() |
| dag 1: 9 juli Nederland - Canada |
| We stonden vandaag vroeg op. We reden eerst naar Tijmen zijn ouders. Hier
parkeerden we onze auto, waarna Tijmen zijn vader ons naar Den Haag centraal
bracht. We namen de trein van iets voor 7en en kwamen een half uur later op
Schiphol aan. Na het inchecken dronken we ergens een kopje chocolademelk. Na een
uurtje konden we naar het vliegtuig. Douanebeambten vroegen het een en ander en
daarna moesten we door een metaaldetector poortje. Het alarm ging bij mij
af. Ik moest mijn schoen uit doen en mijn tas werd goed geïnspecteerd. Daarvoor
waren we ook al uit de rij gehaald, voor een extra bagage controle. Zien wij er
soms als een terrorist uit? De vlucht naar Chicago ging goed. We konden daar
niet direct landen, dus vlogen we nog een rondje boven de stad. We zagen dat
veel mensen een zwembad in de tuin hebben. Nadat we geland waren, merkten we dat
de mensen over het algemeen dikker zijn en we zagen op de weg erg veel
limousines rijden. Daarnaast zagen we een donkere lucht aankomen. Niet snel
daarna begon het te onweren en te plenzen. Zo hard, dat het vliegverkeer
stilgelegd moest worden. Dit betekende voor ons een vertraging van 3 uur.
Uiteindelijk konden we naar Vancouver vliegen. Hier kwamen we rond 22.00 uur
aan, wat betekende dat wij al meer dan 24 uur op waren. Bij het vliegveld,
moesten we weer lang wachten voor een stempel in ons paspoort. De aankomsthal
van het vliegveld is mooi, ze hebben natuurlijke elementen naar binnen gebracht,
zoals watervallen en vogels. Buiten aangekomen moesten we even uitzoeken hoe we
bij ons hotel konden komen. We kwamen erachter dat we met een telefoon moesten
bellen en dat ze ons dan met een busje zouden ophalen. Een half uur later waren
we in het hotel, blij dat ik een bed zag en eindelijk kon gaan slapen.
|
| dag 2: 10 juli Vancouver - Sproat Lake (Vancouver Island) |
| We werden allebei vroeg wakker, maar we hadden wel goed geslapen. Na
gedouched te hebben, gingen we naar beneden om te eten. Hier kregen we
menukaarten om een keuze te maken voor ons ontbijt. We wisten niet wat we
moesten kiezen, omdat we het geen "ochtend"eten vonden. Uiteindelijk kozen we
allebei voor een omelet. Bij de omelet hoorden ook gebakken aardappelen en
geroosterd brood. Nadat we klaar waren met eten, probeerden we de ferry te
bellen om de overtocht naar Vancouver Island te reserveren. Dit lukte helaas
niet. Om half 10 werden we weer opgehaald door het busje dat ons naar het vliegveld
bracht. Hier konden we namelijk onze huurauto ophalen. We kregen een grotere
auto, dan dat we eigenlijk gereserveerd hadden. We konden op pad gaan, nadat we
de auto grondig geïnspecteerd hadden. We reden dwars door Vancouver; langs
parken, hoge kantoorgebouwen en verschillende bruggen. De weg die wij volgden
kwam tenslotte uit bij de ferry. We konden doorrijden en in de rij gaan staan
voor de boot. We hebben geruime tijd moeten wachten op de boot. De overtocht
naar Vancouver Island duurde ongeveer anderhalf uur. In Nanaimo deden we
boodschappen, haalden we gas en pinden we geld. Nu kan de vakantie pas echt
beginnen! De weg waar wij opreden was rustig en bijna iedereen houdt zich aan de
snelheid. We besloten om bij Sproat lake de tent op te zetten. De camping is
ruim opgezet en alle plekjes beschikken over een picknick tafel en een vuurkorf.
Aan de wc op deze camping moesten wij erg wennen, gewoon een put in de grond.
Nadat we klaar waren met het eten, gingen we een kijkje nemen bij het meer. Op
het meer stonden 2 watervliegtuigen, maar verder vonden we het hier niet echt
bijzonder indrukwekkend.
|
| dag 3: 11 juli Sproat Lake - Tofino |
| 's Nachts was ik ziek geworden. Niet echt een leuk begin van de vakantie.
Toch besloten we om verder te gaan reizen. We reden over een mooie weg, langs
meren en wouden. Het weer was ook een stuk beter geworden, zodat we meer konden
zien. Bijna nergens is iets gebouwd, alleen maar natuur om je heen, geweldig. Ik
was in de auto wat aan het suffen, toen Tijmen ineens iets schreeuwde. Ik deed
mijn ogen open en ik zag een ....beer! Het was een zwarte beer die de weg
overstak. Daarna liep de beer langs onze auto en liep de bosjes in. Dit alles
ging vrij snel, waardoor ik jammer genoeg geen tijd had om een foto te nemen. Ik
had niet verwacht dat we een beer zouden zien en dat zo vroeg in de vakantie.
Dat beloofd nog wat...... We reden verder naar Tofino. Hier zochten we gelijk
naar een camping, want ik was helemaal niet lekker. Ik heb heel de dag in
de tent doorgebracht en Tijmen heeft wat zitten lezen.
|
| dag 4: 12 juli Tofino - Port Hardy |
| Ik voelde me alweer iets beter. We gingen naar Tofino om te kijken of we
ergens een walvisexcursie konden maken. Er bleek nog een
boot te zijn die om 10.00 uur zou vertrekken. Op de boot hadden we een mooi plekje en
het weer hielp ook lekker mee. De lucht was strak blauw. De boot voer eerst
langs kleine eilandjes. Op een van deze eilandjes zaten adelaars. In het water
zien we trouwens hier veel kajaks. Af en toe zie je op een eilandje ook een tent
staan. Nadat we de eilanden gepasseerd waren, voer de boot langs open zee en
land. Op de eerste plek waar we walvissen zouden kunnen zien, waren ze niet.
Gelukkig waren ze er op de volgende plek wel!! Hier waren 3 walvissen. Om de 5
minuten kwam er een walvis naar boven. Je zag dan een deel van het lichaam en de
staart. Soms spoten ze water, of maakten ze een plons. Jammer genoeg deed mijn
fototoestel het toen niet, want de batterijen bleken kapot te zijn. Hierna
voeren we verder naar open zee, opzoek naar een ander soort walvis. Helaas
konden we deze walvis niet vinden. Wel zagen we vissen springen. De boot voer
nog een stuk verder de zee op en uiteindelijk vonden we de andere walvis. Deze
was nog een stuk groter dan de vorige 3. Hierna voeren we terug naar Tofino. We
kwamen op eilandjes nog zeeleeuwen en zeehonden tegen. De tocht had een stuk
langer geduurd, dan aangegeven was. Dit kwam waarschijnlijk doordat de walvissen
verder weg waren. Terug in de auto reden we naar Port Hardy. Onderweg stopten we
bij een Rain forest. Hier zijn bomen die ouder zijn dan 800 jaar. De bomen waren
erg dik en hoog. Verder groeiden er veel mossen en varens. Echt een oerbos.
Vanaf het woud reden we in stuk door naar Port Hardy. We wisselden elkaar met
het auto rijden vaak af, omdat het autorijden door de cours control en het
weinige verkeer slaapverwekkend wordt. Dit vind ik overigens wel vreemd, omdat
ik de natuur ontzettend mooi vind. Op de weg mag je tussen de 80-100 km per uur
rijden. In Port Hardy zetten we onze tent op.
|
| dag 5: 13 juli Port Hardy (Vancouver Island) - Prince Rupert (vast land) |
| We stonden al om half 6 op, want we moesten om half 7 bij de boot zijn om in
te checken. Bij de boot moesten we nog een uur wachten. De boot vertrok om half
8. Tot een uur of 10 was het mistig en zagen we niets. Hierna klaarde de
lucht op en hadden we een mooie zonnige dag. Ergens in het midden
van de boot hadden we heerlijke stoelen gevonden, die verstelbaar waren. Echt
een aanrader! De boot is vrij groot en er zijn verschillende mogelijkheden om te
eten. Toen de zon begon door te breken, zijn we snel op het dek gaan zitten. We
voeren door de Insite Passage. Dit is een smalle doorgang door de fjorden. Het
uitzicht was erg mooi. Twee keer kwamen we een dorpje tegen en verder alleen
bossen, bergen en watervallen. `s Avonds werd omgeroepen dat er walvissen in de
buurt van de boot waren. Op het dek konden we ze zien, maar voor het maken van
een foto was ik weer te laat. We kwamen rond 23.00 uur aan in Prince Rupert. We
zetten de tent snel op en vielen in een diepe slaap.
|
| dag 6: 14 juli Prince Rupert - Stewart |
|
We werden weer vrij vroeg wakker. Nadat we onze tent hadden ingepakt, gingen we naar het dorp om boodschappen te doen. De winkels zijn over het algemeen vrij groot en ze hebben grote verpakkingen. Bij een meer aten we wat en daarna redden we over een erg mooie weg door naar Alaska. Onderweg stopten we op een mooie picknickplaats. Op de weg richting Alaska kwamen we een dode beer tegen. Deze was waarschijnlijk pas aangereden door een auto. De weg naar Stewart was ook erg mooi. We reden door een dal en we hadden het uitzicht op watervallen, sneeuw, meren en wouden. Ook kwamen we langs een mooie gletsjer, welke uitmondde in een meer. In Stewart gingen we naar een Visitorsinfo om te vragen of we ergens een berenexcursie konden maken. Deze bleek hier niet te zijn, want we konden gewoon zelf ergens beren gaan bekijken. Daarnaast kregen we informatie over een autoweg naar de Salmon Icefield. Op de camping werden we welkom geheten door een aardige mevrouw. Ze zei dat er sinds 5 jaar hier niet meer zoveel Nederlanders waren geweest. Ook zei ze dat we om 19.00 uur bij de rivier moesten gaan kijken om de beren te kunnen zien. Na de tent opgezet te hebben en gegeten te hebben, moest ik natuurlijk naar de beren. Hiervoor moesten we eerst de grens over naar Alaska. Dit ging vrij gemakkelijk en we kwamen daarna door Hyder. Echt een spookstad. De tijd staat hier volgens mij helemaal stil. De weg was van zand en er waren een paar oude huizen en winkels. Hierna moesten we verder rijden over een gravelpad. Zo'n 6 km verder kwamen we op de plek waar we beren zouden kunnen zien. Er stonden hier meer auto's geparkeerd. Langs de rivier waren vlonders gemaakt en er waren parkrangers. En ineens.....een grizzly beer met een baby beer. De beren zochten naar zalm en daarom reden ze heen en weer in de rivier. Geweldig!! Een keer brulde de moeder beer, omdat de baby beer de gevangen vis wilde afpakken. Na anderhalf uur naar de beren gekeken te hebben gingen ze weg. Toen kwamen visarenden om de stukken vis op te eten. De beren komen in juli en augustus naar deze rivier omdat de zalm hier kuitschiet. De beren zijn dus zeker van een lekker hapje. We gingen weer terug met de auto en we kwamen weer de beren tegen! Ze staken de weg over. Ze waren heel dichtbij. Hierna reden we weer de grens over, langs de boomzagerij, naar de camping.
|
| dag 7: 15 juli Salmon autotour (Alaska) |
| Wederom zou dit een zonnige dag worden. Vandaag zouden we naar een gletsjer
gaan rijden over een gravelweg. We hadden hierover een folder gehaald bij de
visitorsinfo. In het foldertje stonden punten waar je kon stoppen en iets kon
bekijken. De meeste stops uit het foldertje vonden wij een beetje tegenvallen. De
weg ging steeds hoger, totdat we uitzicht kregen op de gletsjer. Een mooi
uitzicht hadden we. De weg ging nog steeds omhoog, langs de gletsjer. We kwamen
tijdens de tocht naar boven weer een beer tegen, maar nu een zwarte!
Uiteindelijk kwamen we bij een kleine parkeerplaats aan. We hadden een mooi
uitzicht. Alleen zorgden de muggen en de horzels ervoor, dat we niet lang van
het uitzicht konden genieten. Bij de parkeerplaats zat ook een man boekjes en
posters te verkopen. Volgens hem konden we nog zo'n 2,5 mile doorrijden om grote
gletsjerstukken te zien. Dit deden we dan ook. Tenslotte kwamen we bij een oude
mijn. Hier hadden we ook weer een mooi uitzicht op de gletsjer en ijsstukken.
Hierna volgden we de weg terug. Tijmen stapte een paar keer uit om van het
uitzicht te genieten. Hij wilde dat ik een foto zou maken, maar hij vroeg me
toen of ik met hem wilde trouwen. JA! Hierna reden we terug naar de camping. 's
Avonds gingen we nog op berenjacht, maar de beer bleef tussen de bomen zitten
aan de overkant van de rivier. Wel zagen we een bever in een meertje. Toen
besloten we om toch maar terug te gaan naar de camping. We hadden immers de
vorige dag de beren al goed kunnen zien. Toen we zo'n 1,5 km gereden hadden,
zagen we plotseling een baby beer uit de struiken komen, net voor onze auto,
gevolgd door moeder. Wat heb ik toch vandaag een geluk.
|
| dag 8: 16 juli Steward - Fraser Lake |
| Heel de nacht heeft het geregend en nu regent het nog. We pakten nat onze
tent in en we rijden over een troosteloze weg naar het zuiden. Ondereg stoppen
we bij Kitwanga, waar oude totempalen staan. Hierna rijden we door naar een
ford. Hier is weinig te zien. Toch lopen we nog een stukje, maar we blijven
niets zien. We rijden weer een stukje verder naar andere totempalen. Deze vinden
wij minder mooi dan de vorige. Als we weer op de grote weg zijn aangekomen,
komen we al snel bij wegwerkzaamheden. Er wordt in Canada veel aan de wegen
gewerkt, waardoor je soms moet wachten. Er is vaak maar een rijbaan beschikbaar.
Nadat we een tijdje gereden hebben, bekijken we een indianendorpje in de buurt
van Hazelton. Wij vinden dit ook een beetje tegenvallen. We rijden weer verder
naar een waterval. Hier wordt ook zalm gevangen. Het landschap is trouwens aan
het veranderen. Het wordt glooiender en we zien koeien. Voorbij Smithers gaan we
opzoek naar een camping. Er zijn genoeg campings langs de weg, alleen vinden wij
ze er niet mooi uitzien. Uiteindelijk stoppen we op een camping. We blijken de
enige gasten te zijn. 's Avonds maken we een groot vuur om de muggen weg te
jagen.
|
| dag 9: 17 juli Fraser Lake - Mount Robson National Park |
| We worden door het zonnetje gewekt. De tent kan nu eens lekker drogen voor we
hem inpakken. De tentlucht zijn we een beetje zat. We rijden vandaag in een stuk
door. In Prince George aangekomen, het is een stuk drukker op de weg, doen bij
een superstore boodschappen. We zijn verbaast van de prijzen. Een North Face rugzak
voor 30 dollar en een 2 liter fles cola voor 87 dollar. Na een half uurtje
geshopt te hebben, rijden we weer verder naar Mount Robson National Park.
Onderweg zien we ineens een zwarte beer. We kunnen hele mooie foto's maken van
de beer. Als we verder rijden zie ik nog een baby beer en een hert. Intussen
verandert het landschap weer. Er komen weer bergen te voorschijn met witte
toppen. We stoppen bij een uitzichtpunt van de Mount Robson, die wolk vrij is.
Daarna rijden we door naar een camping in het Mount Robson National Park. Het is
een mooie camping en af en toe komen eekhoorntjes ons een bezoek brengen tijdens
het eten.
|
| dag 10: 18 juli Berg Lake trail 14 km |
| We slapen een beetje uit. Hierna gaan we naar de visitorsinfo om te vragen
wat de wandelmogelijkheden zijn. Volgens de vrouw die ons helpt is het leuk om
een deel van de Berg Lake trail te lopen. We besluiten om dit te doen. Onderweg
komen we eekhoorntjes tegen. Gelukkig komen we geen beren tegen. We hebben een
belletje aan de rugzak bevestigd, zodat ze ons aan horen komen. Dan schrikken de
beren niet en zullen ze ons niet aanvallen. Veel Canadezen hebben ook peperspray
bij zich, om zichzelf te kunnen verdedigen. Uiteindelijk komen we bij een mooi
blauw meer. De omringende bergen spiegelen in het meer. We lopen langs het meer
en we eten wat op een kiezelstandje. Hierna lopen we door tot een camping. De
rugzakken van de mensen die hier overnachten moeten in een paal gehangen worden.
Ook moet er op een speciale manier afgewassen worden. We lopen nog een stukje
verder, maar door de mogelijkheid dat hier beren in de buurt zijn, voelen we ons
niet erg op ons gemak. We besluiten om terug te gaan, jammer genoeg langs
dezelfde weg. 's Avonds gaan we naar het amfitheater op de camping. Hier wordt
een presentatie gegeven over moose. Het was een leuke interessante presentatie.
Als een moose meer dan 250000 teken heeft gaat hij dood (in de winter wordt hij
wit).
|
| dag 11: 19 juli Mount Robson National Park - Jasper en Mount Edith Cavell trail 7 km |
| We hoeven maar een klein stukje te rijden om in Jasper te komen. We rijden
direct door naar Mount Edith Cavell om een wandeling te maken. We moeten
onderweg een pas kopen voor de entree van de nationaal parken. De weg die wij
rijden heeft enkele haarspelden. Het wordt steeds donkerder en de gletsjer waar
we naartoe rijden verdwijnt onder de wolken. Toch beginnen we met lopen, maar na
een half uur geklommen te hebben begint het hard te regenen. Omdat we onweer
horen, besluiten we om terug te lopen naar de auto. Als we 5 minuten in de auto
hebben gezeten, klaart het weer op. We lopen weer dezelfde weg omhoog en we
hebben een mooi uitzicht op de gletsjer. Hoe hoger we komen, hoe meer bloemen we
te zien krijgen. Ook komen er steeds meer muggen. Boven op de berg hebben we een
mooi uitzicht op de omringende bergen. We besluiten om maar weer snel af te
dalen in verband met de muggen. Beneden aangekomen, lopen we nog naar het
gletsjermeer. In het gletsjermeer zitten grote stukken ijs. Aan de kant van het
meer zitten marmotten en grondeekhoorns. Hierna lopen we terug naar de auto en
rijden we naar Jasper. Hier doen we boodschappen en daarna gaan we naar een
camping. We merken dat het hier toeristischer is, want de camping is een stuk
duurder. Op de meeste campings mag je niets van eten buiten of in de tent hebben
staan. Dieren ruiken namelijk het voedsel en komen hierop af. Daarom moet alles
in de auto, of in kisten bewaard worden.
|
| dag 12: 20 juli mountainbike trial |
|
We gaan vandaag eerst Jasper bekijken. Het is een plaatsje met veel toeristische winkels. We zien dat we hier een mountainbike kunnen huren. We hadden eigenlijk het idee om een bepaalde trial te gaan fietsen, maar deze wordt ons afgeraden in verband met de muggen en het weer. Volgens de verhuurder is een andere trial een stuk beter. We besluiten zijn raad op te volgen. Het eerste stuk fietsen we over het asfalt. Wij vonden dit niet geweldig en we snappen ook niet wat al die vakantiefietsers hier doen (wij houden van fietsvakanties). Je kunt in andere landen wel over rustige paden rijden. Ineens stopt er een auto net achter ons op de weg. Als we om kijken , blijkt dat we voorbij een zwarte beer gefietst zijn. Tijmen gaat stilstaan, maar ik fiets zo hard ik kan. Tijmen fietst gelukkig toch ook snel verder. Mijn hart bonkt in mijn keel, zo dichtbij een beer.....Vlak hierna moeten we met de fiets door de bossen rijden over stille, smalle paden. Dit is niet echt iets voor mij. Ook is het pad moeilijk te fietsen. Af en toe moet ik omhoog lopen en soms moeten we ook naar beneden lopen, omdat er veel stenen op het pad liggen. Uiteindelijk komen we bij een meer aan. Hier eten we en we fietsen hierna over betere paden langs verschillende meren. Hierna rijden we over het asfalt terug naar Jasper. Vlakbij de weg zit een elk. Terug gekomen op de camping gaan we nog met de auto naar Maligne canyon. We lopen langs de canyon tot de 4e brug. Op sommige plekken is de canyon 35 meter diep. Als we weer naar de camping terug rijden komen we verschillende rendieren tegen.
|
| dag 13: 21 juli Maligne Lake trial |
| Als we opstaan is het redelijk bewolkt, maar we houden het vandaag gelukkig
droog. We rijden ongeveer een uur tot we bij Maligne lake aankomen. Eerst bellen
we naar Nederland en daarna proberen we de trial te vinden. We lopen langs het
meer en we zien weer een rendier en eekhoorns. Ook zijn hier erg veel muggen.
Uiteindelijk vinden we het juiste pad, maar nadat we het pad een tijdje hebben gevolgd, is deze afgesloten. We mogen hier niet verder, omdat het
gevaarlijk is in verband met beren. We lopen weer terug en we besluiten aan de
overkant van het meer te gaan lopen. Na een uur kunnen we eindelijk aan een
trial beginnen. We lopen stijgend tussen de bomen door en later door lage begroeiing.
Boven aangekomen, besluiten we nog naar een topje te lopen. We eten op de
top, want hier zijn eindelijk geen muggen. We hebben een mooi uitzicht over Maligne
lake en de omringende bergen. We dalen via een andere weg af. Op de weg terug
naar Jasper zie ik weer een beer rondlopen langs de weg. Gelijk stoppen andere auto's om de beer te bekijken. Wanneer de beer verdwenen is rijden we
verder naar Jasper. Vlak voor Jasper nemen we een weg richting Edmonton. We
rijden langs verschillende meren. Tevens zien we dat hier een vrij grote
bosbrand is geweest. Alle bomen zijn kaal of zwart. Op de terug weg naar de
camping komen we een moose tegen. Deze beesten hebben een erg groot gewei.
|
| dag 14: 22 juli Jasper - Field (Yoho National Park) |
| We rijden eerst naar Jasper om te tanken en om brood te kopen. Daarna kunnen
we over de Icefields Parkway rijden. We komen vlakbij de camping een beer tegen.
Ik vroeg me steeds af of beren inderdaad in de buurt van een camping zouden
komen. Dit blijkt dus het geval te zijn. We stoppen eerst bij grote watervallen.
Wij vinden het niet veel voorstellen, maar dat komt dat we al mooiere
watervallen gezien hebben. De weg die we rijden is mooi. We rijden langs
spitse bergen, met op de toppen sneeuw. Sommige bezienswaardigheden langs de weg
vinden wij een beetje tegen vallen. Het stoppunt bij de Columbia Icefield is
zeker de moeite van het stoppen waard. Je ziet hier duidelijk in hoeveel jaar
tijd de gletsjer is afgesleten. Je kunt hier op eigen verantwoordelijkheid een
stukje over de gletsjer lopen. Best leuk om dit eens te doen, maar de gletsjer
slijt hierdoor volgens mij wel sneller. Bij Park Bridge maken we een wandeling
naar de Sunwapta Icefield. Het is een klim omhoog, langs mooie bloemen, met op
het einde een mooi uitzicht over de gletsjer. Na de afdaling rijden we verder
naar Bow lake. Vanuit hier heb je een mooi uitzicht op het fel blauwe P
lake. Hierna rijden we door naar Lake Louise. Helaas blijkt de camping hier vol
te zijn. We worden verwezen naar een camping die in de Bow Valley ligt. Deze
camping vinden wij zo duister, dat we besluiten om naar Field door te rijden. We
willen daar in de buurt toch wandelen. Onderweg rijden we langs het spoor. De
trein gaat hier door een aantal tunnel de berg op of af. Net iets voor Field is
een camping. De grote camping is hier ook vol, maar gelukkig is er wel een
plekje op de wintercamping te vinden. We kamperen weer tussen de grondeekhoorns.
Op de camping moeten we water uit een waterpomp halen. Er zijn hier geen douches
en wasbakken. Bij de wc-put is geen licht.
|
| dag 15: 23 juli Plan of the six gleciers trial |
| We kunnen gelukkig op de camping naast ons terecht. We krijgen hier een mooie
plek toegewezen. Als we de tent weer op hebben gezet, gaan we met de auto naar
Lake Louise. Het is een mooi meer, helder blauw, maar het is hier erg
toeristisch. De eerste 1,5 km langs het meer is het pad geasfalteerd. Hier is
het dan ook druk met mensen, maar hierna wordt het rustiger. Het pad begint te
stijgen en je krijgt steeds meer gletsjers te zien. Boven aan gekomen heb je
helemaal een mooi uitzicht op de gletsjers. Ik loop nog een stukje verder over
een kam. Tijmen vermaakt zich ondertussen met de grondeekhoorns. Tijdens de weg
terug hebben we een mooi uitzicht op het meer. Het is alleen jammer dat je
daarachter een groot hotel en een skigebied ziet. Na wat inkopen gedaan te
hebben in Lake Louise, rijden we nog naar een meer in de buurt. Dit meer vinden wij ook erg mooi
en het is hier een stuk rustiger dan bij Lake Louise.
|
| dag 16: 24 juli Field - Golden - Field Kanoen op Emerald Lake |
| We hebben een ochtend uitgeslapen. Vandaag zijn we naar Emerald Lake
gegaan, dit keer niet om om het meer te lopen, maar om te kanoen. We konden af
en toe op leuke plekjes aanleggen en lekker van het water genieten, want het was
een warme dag. We hadden een mooi uitzicht op omringende bergen en op een
gletsjer. Na het kanoen gingen we een stukje met de auto rijden. We kwamen langs
een meertje waar mensen aan het zwemmen waren. Omdat het zo warm was besloten we
om hier ook een duik te nemen. Hierna gingen we naar het bezoekerscentrum van
Field. We vroegen hier het een en ander over het Waterton National Park. We
kwamen erachter dat we beter hier in de buurt ergens boodschappen konden doen,
omdat de winkels daar een stuk kleinen en duurder zijn. Daarom reden we naar
Golden. 's Avonds gingen we op de camping weer naar een theatervoorstelling. Dit
keer ging het over het ecosysteem in de nationale parken van west Canada. We
moesten hier met zijn alleen enkele liedjes zingen. Wat me erg bijgebleven is,
is dat de dieren foot, water, shelter en space nodig hebben voor habitat.
|
| dag 17: 25 juli Iceline trail |
| Vandaag zouden we weer gaan lopen. We reden naar het einde van het dal, tot
aan de Takkafalls. Hier zouden we beginnen aan een rondwandeling. Het eerste
stukje moesten we over asfalt lopen. Niet lang daarna gingen we steil omhoog.
Eerst door de bomen en later boven de boomgrens. We hadden weer een mooi
uitzicht op het dal en op de omringende bergen. Tevens zagen we de waterval ook
mooi, want we liepen op de bergen tegenover de waterval. Nadat we een bocht
omliepen, hadden we ineens het uitzicht op prachtige gletsjers, waar we vlak
langs moesten lopen. Dit duurde ongeveer 3 km. Daarna volgde de afdaling naar
het dal langs bloemen, meren en bomen. We zongen om de beurt een lied om de
beren weg te jagen. In het dal liepen we langs diverse watervallen en
uiteindelijk kwamen we weer bij de auto uit. We hebben vandaag echt een
prachtige wandeling gelopen!
|
| dag 18: 26 juli Field - St Mary (Glacier National Park USA) |
|
We gingen vandaag weer verhuizen naar een ander nationaal park. Niet in Canada, maar in de USA. Eerst moesten we naar Banff rijden. We bekeken Banff even, maar we vonden het hier niet veel voorstellen. Veel te toeristisch. Hierna reden we door naar Calgary. Bij de Olympic hale of fame reserveerden we een hotel en herbevestigden we onze vlucht naar huis. We vonden het hier ook niet interessant, dus reden we snel verder naar Glacier National Park. De weg hiernaar toe was erg saai. Uitgestrekte velden en af en toe een klein dorpje. Bij de grens deden de douanebeambten niet moeilijk en konden we zo doorrijden. We kregen nu weer een mooi uitzicht op de bergen. De weg waarop we reden is eigenlijk de grens van de overgang van laagland naar bergen, heel mooi. We wilden naar een camping, midden in het nationale park. Toen we halverwege de weg van Many Glacier waren, kwamen we weer bij een parkentree. Hier hoorden dat de camping waar we naartoe wilden vol was. Daarom moesten we weer terug rijden. In St Mary was een camping die nog niet vol was. Op deze camping zijn weer geen douches. Ik vind het landschap hier iets weg hebben van de Dolomieten.
|
| dag 19: 27 juli Going to the sun road Hidden Lake trail |
| Het is een stuk kouder dan de vorige dagen, waardoor ik besluit om een lange
broek aan te doen. We gaan vandaag de going to the sun road rijden. Het is een
mooie weg in het dal, die steeds hoger klimt tot de pas. Op de pas stappen we
uit. We maken hier een wandeling naar hidden lake. Het begin van de route is druk, maar daarna wordt het weer een stuk rustiger. Eerst lopen we omhoog,
langs verschillende marmotten en grondeekhoorns. We lopen langs sneeuwvelden en
komen bij een uitzichtpunt dat uitkijkt over het meer. Wij lopen naar het meer
toe, langs heel veel verschillende bloemen. Soms schrik je, wanneer een marmot
voor je voeten wegspringt. We eten wat aan de oever van het meer. Hierna lopen
we terug naar de auto. Tijdens het lopen komen we een aantal berggeiten tegen.
Met de auto gaan we de pas over. We hebben weer een mooi uitzicht over het dal.
De grond naast de weg is behoorlijk diep. We komen tenslotte bij een meer, maar
we vinden het hier niet echt bijzonder. We rijden terug naar de camping.
Onderweg springt er nog een rendier voor de auto. Tijmen kan het dier gelukkig
ontwijken.
|
| dag 20: 28 juli St Mary - Many glacier |
| Nadat we de tent hebben ingepakt bellen we naar huis. Het bellen naar
Nederland kost echt helemaal niets. Hierna rijden we weer naar Many Glacier.
Onderweg vragen we ons steeds af hoe hard je nu in Amerika mag rijden. We weten
het nog steeds niet. Op de camping van Many Glacier zoeken we een kampeerplek.
Op de borden bij de camping staat dat hier mensen gewond geraakt zijn en gedood
zijn door beren. Door deze borden heb ik gelijk minder zin om te wandelen. Toch
gaan we opzoek naar het begin van de Icelake trial. Als we deze gevonden hebben
blijkt dat hier ook borden hangen over de beren. Het blijkt dat hier een paar
dagen geleden beren zijn gezien op de trial. We besluiten daarom ergens anders
te gaan lopen. We lopen richting .... lake langs verschillende meren. Had pad
dat we volgen is smal en gaat dwars door de bloemen. Bij een splitsing wordt de
weg zo smal dat we besluiten om terug te keren. Hierna lopen we nog naar
de... Hier zijn weer erg veel muggen en horzels. De waterval is best mooi,
door de rode rotsen. 's Avonds gingen we weer terug naar St Mary, want hier was
een theatervoorstelling over indianenmuziek.
|
| Dag 21: 29 juli Many glacier - waterton |
| We zijn niet door de beren opgegeten. Nadat we de tent
hebben ingepakt rijden we naar Canada. Onderweg rijden we langs grote
bloemenvelden. We komen op een camping terecht, die veel weg heeft van een
franse camping. Nadat de tent staat gaan we naar Camaron Lake. Hier lopen we een
stukje langs het meer. Er zijn hier veel horzels. Hierna rijden we naar een
ander dal. We bekijken een canyon en we lopen naar een waterval. Dit dal is
trouwens een stuk mooier, dan het dal waar we net gereden hebben. Als we terug
naar de tent rijden, wordt de weg geblokkeerd door 3 auto's. Blijkt dat 3 beren
de weg willen oversteken. Het is een zwarte beer, met twee kleintjes. Als we
verder rijden zien we ook nog een grizzly beer met 2 kleine beren. Tevens komen
we nog langs een "huis" van een bever. 's Avonds zijn er 3 rendieren
op de camping.
|
| Dag 22: 30 juli Waterton - Calgary |
| Voordat we terugrijden naar
Calgary, rijden we eerst
door een gebied waar bizons leven. De weg terug naar Calgary is niet druk. We
willen het centrum van Calgary bekijken, maar deze vinden wij erg tegenvallen.
Een deel van het winkelcentrum is overdekt. Omdat we het centrum tegen vinden
vallen, gaan we naar het hotel. Hier kunnen we heerlijk douchen. 's Avonds eten
we wat bij een fast-foot keten, waarna we de auto gaan inleveren. De shuttlebus
brengt ons weer terug naar het hotel. We kunnen niet in slaap vallen, vanwege de
hitte en het bed. Geef mij maar een tent.
|
| dag 23: Calgary - Amsterdam |
| We staan vroeg op. Op het vliegveld kopen we muffins,
ons ontbijt. We hebben geen vertraging, waardoor we op tijd in Chicago aankomen.
Ook op dit vliegveld verloopt alles goed, waardoor we de volgende morgen vroeg
landen in Nederland.
|
![]() |